Vandaag, maandag 20 juli, overleed mijn allereerste voetbalidool uit de jaren zeventig King Kevin Keegan. Heel mijn kamer was volbehangen met posters van King Kev, wiens andere bijnaam Mighty Mouse door mijn broer gekscherend (en een tikkie kleinerend) werd verbasterd tot Mickey Mouse. Sindsdien kreeg ik nachtmerries van iedere verschijningsvorm van Mickey Mouse.
Door Keegan werd ik fan van Liverpool, door Keegan werd ik fan van HSV waarvoor hij van 1977 tot 1980 speelde. In 1980, ik was tien, draaide mijn leven om dringen dingen: Feyenoord (dat in 1980 de KNVB beker zou winnen), Joop Zoetemelk (die dat jaar de Tour won) en dus Kevin Keegan.
Op jeugdige leeftijd herkende ik in Liverpool – Hamburg – Rotterdam een rode lijn: drie stoere havensteden die het niet direct moesten hebben van die voorspelbare schoonheid waar andere (vaak hoofd-)steden mee pronkten. De toon voor de rest van mijn leven was gezet.
In 1978 en 1979 was Keegan als sterspeler van HSV uitgeroepen tot voetballer van het jaar. Mijn fandom bereikte in 1980 een hoogtepunt toen Kevin Keegan zelfs in een stripalbum van Ronnie Hansen (in het nummer getiteld De tegenvaller) verscheen. Dit kon geen toeval zijn. In de achtste finale van de Europacup speelden HSV en Barça zogenaamd tegen elkaar. In Hamburg werd het 3-1 voor Kevin Keegan en de zijnen. In de wedstrijd werd beweerd dat de strip-Keegan een elleboogstoot zou hebben uitgedeeld aan ene Stefan Stanovic, maar dat zou mijn held nooit hebben gedaan. Maar het had zo zijn gevolgen want Ronnie Hansen kreeg de rode kaart gepresenteerd toen hij Keegan juist wilde helpen met het opstaan nadat hij (Keegan dus) een klap had gekregen van Stanovic. Toen ik dat las kreeg ik nachtmerries van Stefan Stanovic.
(Klik op een afbeelding voor een vergroting)
Op de camping in de Ardèche liet ik die zomervakantie trots De tegenvaller aan een Frans vriendje zien die spontaan begon te lachen: ‘Ça c’est Éric Castel haha, ton “Ronnie Hansèn” n’existe pas!” Mijn moeder legde mij uit dat Ronnie Hansen een vertaling van een Franse strip moest zijn en dat Ronnie Hansen dus eigenlijk in het origineel Éric Castel heette. Toen ik dat hoorde kreeg ik nachtmerries van Ronnie Hansen. En van Éric Castel.
In het echie speelde HSV van Kevin Keegan in 1980 de halve finale van de Europacup 1 tegen Real Madrid waar ene Laurie Cunningham speelde, een zwarte Engelse spits waarvan op de training bij Overmaas D1 werd beweerd dat hij, Cunningham dus, ooit de lat doormidden had geschoten. Toen ik dat hoorde kreeg ik nachtmerries van Laurie Cunningham.
Op woensdag 23 april 1980 werd Real, in het echie dus, met 5-1 weggespeeld door HSV, met onder andere twee goals van oermens Horst Hrubesch over wie mijn broer altijd zei dat hij, Hrubesch dus, een lul had zo groot als een olifantenslurf. Misschien dat Friedrich Nietzsche Horst Hrubesch voor ogen had toen hij zijn filosofische concept “der Übermensch” lanceerde. Hoe het ook zij, toen ik dat hoorde van mijn broer kreeg ik nachtmerries van Horst Hrubesch. En naderhand van Friedrich Nietzsche.

Keegans voetbalcarrière ging een beetje uit als een nachtkaars en ook zijn trainerschap bracht hem weinig.
In 1999 en 2000 was hij bondscoach van Engeland. Op zaterdag 7 oktober 2000 verloor Engeland onder Keegans leiding op Wembley met 0-1 van Duitsland. Het was niet alleen de laatste wedstrijd die gespeeld werd op het oude Wembley, het betekende tevens het einde van het bondscoachschap van Kevin Keegan die tijdens de persconferentie in alle eerlijkheid beweerde dat hij tactische kennis tekort kwam om wedstrijden middels wissels en tactische aanpassingen een andere richting te geven. Hij was naar eigen zeggen “not good enough” en verklaarde vervolgens:
“I’m really disappointed (…). It’s not an easy decision…but I feel I fall short of what is required in this massive job. I’ve got to be truthful to myself. Our first half performance today left a lot to be desired and although I knew things were going wrong, I just couldn’t think of what to do to put it right.”
Toen ik zijn verklaring die volgende ochtend in de krant las, brak mijn hart in duizend stukjes van zoveel eerlijkheid en introspectie. Ik nam mij als jonge vader voor om in Keegans voetsporen te treden door mijn tekortkomingen voortaan onder ogen te komen én om deze in alle eerlijkheid te delen met derden. Sindsdien krijg ik nachtmerries van derden.
26 Jaar later, we schrijven woensdag 7 januari 2026, liet Keegans familie weten dat hij, mijn jeugdidool, aan kanker leed.
Een week later verloor mijn Feyenoord met 3-4 van nota bene Sparta dat in de nota bene 94e minuut de winnende goal maakte. Trainer Robin van Persie wees naar iedereen, behalve naar zichzelf. Zijn onbegrijpelijke beslissingen kon hij niet duiden, al vond hij zelf van wel. Toen ik dat hoorde kreeg ik nachtmerries van Robin van Persie.
Zes maanden later, op dinsdag 30 juni, werd Nederland op het WK in Amerika uitgeschakeld door Marokko. In navolging van Van Persie weigerde ook bondscoach Ronald Koeman in de spiegel te kijken en kreeg hij met zijn onnavolgbare defensieve wissels alleen de lachers op zijn hand die hij vervolgens principieel weigerde in eigen boezem te steken. Toen ik dat hoorde kreeg ik nachtmerries van Ronald Koeman.
En dus overleed vandaag, maandag 20 juli, King Kevin Keegan, de man wiens levenslessen helaas niet waren doorgedrongen tot de dovemansoren van het Nederlandse trainingsgilde bij wie hun eigenwijsheid hun eigen wijsheid werd.
King Kevin Keegan zal ik niet alleen herinneren als mijn allereerste idool, maar vooral als groot mens die eeuwige roem verdient in een blinde wereld waarin zelfreflectie helaas een zeldzaamheid geworden is.
FOTOGALERIJ
(Klik op een afbeelding voor een vergroting)















… ben wel erg benieuwd van wie je komend seizoen 26/27 nachtmerries gaat krijgen Marco … kunnen er zo maar ‘een paar’ zijn 😉😩
Mooie herinneringen aan deze (voetbal) held. Wat een grootheid, met name met zijn uitspraak “not good enough” te zijn (nooit geweten), maakt hem nog meer bewonderingswaardig.
Pracht stuk. Dank je wel, Mar.